Alice in Wonderland
Classic Fairytales
Bewerking van de bekende sprookjes in hoorspelvorm. 'Alice in Wonderland' en twee andere sprookjes. Engelstalig. Leeftijd: 4+
Auteurs
Lewis Carroll, Gebroeders Grimm, Hans Christian Andersen
Sprekers
Speelduur
0 uur 30 min 55 sec
€ 4,95
Beschrijving
Deze uitgave bevat drie Engelstalige sprookjes in hoorspelvorm.
Inhoud
1. Alice in Wonderland
2. Rumplestiltskin
3. The little match girl
Details
Imprint
Disky Communications Europe B.V.Uitgever
Disky Communications Europe B.V.
Publicatiedatum
25 maart 2014
ISBN
9789077102930
Taal
Engels
Speelduur
0 uur 30 min 55 sec
Bestandsgrootte
30 MB
Formaat
mp3 download en geschikt voor de Luisterrijk app
Categorieën
Over de auteur
Lewis Carroll (pseudoniem voor Charles Lutwidge Dodgson) is geboren op 27 januari 1832 in het Engelse plaatsje Daresbury. Na zijn studie wiskunde begint hij met lesgeven op de school Christ Church. Zijn eerste publicaties in 1860 en 1861 zijn dan ook van een puur wiskundige aard.
In 1856 raakt Dodgson bevriend met Henry Liddell. Henry heeft een vrouw en drie dochters. Dodge gaat vaak met deze drie dochters, Ina, Alice en Edith, picknicken. Hij vertelt dan leuke verhalen. De zevenjarige Alice Liddell moedigt hem aan om de verhalen op te schrijven. Dodgson doet dit en geeft het haar cadeau, compleet met door hem gemaakte illustraties. In 1865, onder het pseudoniem Lewis Carroll, publiceert hij het manuscript met als de titel De avonturen van Alice in Wonderland. Dit boek, over de fantasie en humor van kinderen, is onmiddellijk een succes en vanaf dit moment is de naam Lewis Carroll een fenomeen.
In 1871 verscheen het vervolg: Through The Looking Glass and What Alice Found There. In de vertaling van Nicolaas Matsier verscheen dit boek onder de titel Achter de spiegel en wat Alice daar aantrof.
Dodgson schrijft na zijn meesterwerk De avonturen van Alice in Wonderland nog andere boeken. Ondanks zijn succes blijft hij lesgeven op Christ Church. Op 14 januari 1898 overlijdt Charles Lutwidge Dodgson, zijn werk is dan over de hele wereld bekend.
Jakob Grimm (1785-1863) en Wilhelm Grimm (1786-1859) zijn de samenstellers van de beroemdste sprookjesverzameling ter wereld. De twee delen met Kinder- und Hausmärchen verschenen in respectievelijk 1812 en 1815. De broers, geboren in Hanau, studeerden beiden rechten maar profileerden zich vooral op taal- en letterkundig terrein. Ze publiceerden wetenschappelijke edities van bijvoorbeeld het Hildebrandslied en begonnen in 1852 met het Deutsches Wörterbuch, dat pas in 1960 postuum voltooid werd.
Onder invloed van de denkbeelden van de Romantiek gingen de broers op zoek naar de wortels van het Duits, naar de natuurlijke, onbedorven vormen van taal en literatuur. Bij oude mensen, familie, kennissen, vrienden en in herbergen verzamelden ze volksverhalen, sprookjes, sagen en legenden. Een belangrijke bron voor de sprookjes is Frau Viehmann geweest, een boerin uit Niederzwehrn, een dorp bij Kassel. De kern van de verhalen lieten de broers intact, maar ze noteerden ze in hun eigen stijl. Hoewel bedoeld als wetenschappelijke verzameling, hadden de sprookjes vanaf het begin veel succes bij kinderen. Vanwege de kritiek op het wrede en seksuele karakter van sommige sprookjes paste Wilhelm de tweede druk qua verteltrant sterk aan.
(Bron: Uitgeverij Lemniscaat)
Hans Christian Andersen (1805-1875) schreef ruim honderdvijftig sprookjes, waaronder Het lelijke jonge eendje, Duimelijntje en De prinses op de erwt. Veel van zijn sprookjes hebben een symbolische betekenis en vaak een tragisch einde, zoals in Het meisje met de zwavelstokjes.
In 2005 werd wereldwijd de 200ste geboortedag van de Deense sprookjesschrijver Hans Christian Andersen gevierd. Andersen groeide op in Odense. Toen de jonge Hans 11 jaar was, overleed zijn vader, een arme schoenmaker. Het liefst had hij acteur willen worden, maar hij werd niet aangenomen bij de koninklijke theaterschool.
Andersen is het meest bekend geworden vanwege zijn sprookjes. Het verhaal van zijn leven legde hij vast in Het sprookje van mijn leven, waarin hij vertelt over zijn vele buitenlandse reizen en contacten met adellijke families en vorstenhuizen. Hij debuteerde in 1827 met het gedicht Det døende Barn (Het stervende kind). In 1835 werd zijn eerste bundel met sprookjes voor kinderen uitgegeven, een bewerking van traditionele sprookjes. Zijn latere werk bevat vooral zelf bedachte sprookjes (zogeheten cultuursprookjes).
Lewis Carroll (pseudoniem voor Charles Lutwidge Dodgson) is geboren op 27 januari 1832 in het Engelse plaatsje Daresbury. Na zijn studie wiskunde begint hij met lesgeven op de school Christ Church. Zijn eerste publicaties in 1860 en 1861 zijn dan ook van een puur wiskundige aard.
In 1856 raakt Dodgson bevriend met Henry Liddell. Henry heeft een vrouw en drie dochters. Dodge gaat vaak met deze drie dochters, Ina, Alice en Edith, picknicken. Hij vertelt dan leuke verhalen. De zevenjarige Alice Liddell moedigt hem aan om de verhalen op te schrijven. Dodgson doet dit en geeft het haar cadeau, compleet met door hem gemaakte illustraties. In 1865, onder het pseudoniem Lewis Carroll, publiceert hij het manuscript met als de titel De avonturen van Alice in Wonderland. Dit boek, over de fantasie en humor van kinderen, is onmiddellijk een succes en vanaf dit moment is de naam Lewis Carroll een fenomeen.
In 1871 verscheen het vervolg: Through The Looking Glass and What Alice Found There. In de vertaling van Nicolaas Matsier verscheen dit boek onder de titel Achter de spiegel en wat Alice daar aantrof.
Dodgson schrijft na zijn meesterwerk De avonturen van Alice in Wonderland nog andere boeken. Ondanks zijn succes blijft hij lesgeven op Christ Church. Op 14 januari 1898 overlijdt Charles Lutwidge Dodgson, zijn werk is dan over de hele wereld bekend.
Jakob Grimm (1785-1863) en Wilhelm Grimm (1786-1859) zijn de samenstellers van de beroemdste sprookjesverzameling ter wereld. De twee delen met Kinder- und Hausmärchen verschenen in respectievelijk 1812 en 1815. De broers, geboren in Hanau, studeerden beiden rechten maar profileerden zich vooral op taal- en letterkundig terrein. Ze publiceerden wetenschappelijke edities van bijvoorbeeld het Hildebrandslied en begonnen in 1852 met het Deutsches Wörterbuch, dat pas in 1960 postuum voltooid werd.
Onder invloed van de denkbeelden van de Romantiek gingen de broers op zoek naar de wortels van het Duits, naar de natuurlijke, onbedorven vormen van taal en literatuur. Bij oude mensen, familie, kennissen, vrienden en in herbergen verzamelden ze volksverhalen, sprookjes, sagen en legenden. Een belangrijke bron voor de sprookjes is Frau Viehmann geweest, een boerin uit Niederzwehrn, een dorp bij Kassel. De kern van de verhalen lieten de broers intact, maar ze noteerden ze in hun eigen stijl. Hoewel bedoeld als wetenschappelijke verzameling, hadden de sprookjes vanaf het begin veel succes bij kinderen. Vanwege de kritiek op het wrede en seksuele karakter van sommige sprookjes paste Wilhelm de tweede druk qua verteltrant sterk aan.
(Bron: Uitgeverij Lemniscaat)
Hans Christian Andersen (1805-1875) schreef ruim honderdvijftig sprookjes, waaronder Het lelijke jonge eendje, Duimelijntje en De prinses op de erwt. Veel van zijn sprookjes hebben een symbolische betekenis en vaak een tragisch einde, zoals in Het meisje met de zwavelstokjes.
In 2005 werd wereldwijd de 200ste geboortedag van de Deense sprookjesschrijver Hans Christian Andersen gevierd. Andersen groeide op in Odense. Toen de jonge Hans 11 jaar was, overleed zijn vader, een arme schoenmaker. Het liefst had hij acteur willen worden, maar hij werd niet aangenomen bij de koninklijke theaterschool.
Andersen is het meest bekend geworden vanwege zijn sprookjes. Het verhaal van zijn leven legde hij vast in Het sprookje van mijn leven, waarin hij vertelt over zijn vele buitenlandse reizen en contacten met adellijke families en vorstenhuizen. Hij debuteerde in 1827 met het gedicht Det døende Barn (Het stervende kind). In 1835 werd zijn eerste bundel met sprookjes voor kinderen uitgegeven, een bewerking van traditionele sprookjes. Zijn latere werk bevat vooral zelf bedachte sprookjes (zogeheten cultuursprookjes).